Kijken we eigenlijk wel naar hetzelfde kind?
- mverrassendvisueel
- 2 jul
- 3 minuten om te lezen
Ik maakte deze Venn-diagram om zichtbaar te maken wat kinderopvang, voorschoolse educatie en basisonderwijs ieder bijdragen aan de ontwikkeling van een kind.
De woorden in de cirkels waren voor mij vrij gemakkelijk te bedenken. Vanuit iedere beroepsgroep is er een eigen expertise, een eigen manier van werken en een eigen bijdrage. Juist die verschillen maken samenwerken waardevol.
Maar toen ik klaar was, bleef ik ernaar kijken.
En ineens kwam er een heel andere vraag bij me op.
Kijken we eigenlijk wel naar hetzelfde kind?
Of beter gezegd...
Iedereen kijkt naar hetzelfde kind, maar ziet iedereen hetzelfde kind?

Onze professionele bril
Als pedagogisch professional kijk je misschien als eerste naar het welbevinden van een kind. Naar de autonomie. Naar de betrokkenheid tijdens het spel. Als leerkracht zie je misschien juist een kind dat instructie nodig heeft, dat nieuwe vaardigheden leert of gebaat is bij feedback en duidelijke doelen.
Werk je in de voorschoolse educatie, dan vallen je misschien de taalontwikkeling, het thematisch aanbod of de ontwikkeldoelen als eerste op.
Geen van deze blikken is fout.
Sterker nog, ze zijn allemaal waardevol. Ze zijn alleen nog niet volledig. Want we kijken allemaal door onze eigen professionele bril. En iedere bril laat iets zien...
...maar laat ook iets buiten beeld.
Het kind is meer dan onze cirkel
Toen ik de afbeelding maakte, zette ik het kind bewust in het midden.
Niet omdat het mooi oogde.
Maar omdat daar uiteindelijk alles om draait.
Toch besef ik steeds meer dat het kind in het midden niet alleen verbonden is met de drie cirkels eromheen.
Er is nóg een wereld.
De wereld van thuis. De ouder die het kind 's morgens wegbrengt.
De verhalen aan de keukentafel. De hobby's, de broertjes en zusjes, de cultuur, de gewoontes, de zorgen en de dromen. Dat is de wereld waar een kind vandaan komt.
En waar het na opvang of school weer naartoe gaat.
Als professionals zien wij een belangrijk deel van een kind.
Maar ouders kennen het hele verhaal. Zij kennen het kind buiten onze professionele context.
Daarom hebben we elkaar nodig
Soms wordt samenwerking beschreven als een warme overdracht of goede afstemming.
Dat is belangrijk. Maar misschien begint samenwerking nog eerder.
Bij het besef dat niemand het hele kind ziet. Niet de pedagogisch professional. Niet de leerkracht. Niet de VE-professional. En ook ouders zien hun kind weer vanuit een eigen perspectief.
Juist daarom hebben we elkaar nodig!
Niet om elkaar te overtuigen, nee, om samen een completer beeld te krijgen van het kind.
Een uitnodiging
Kijk nog eens naar de afbeelding.
Welke cirkel trok als eerste jouw aandacht?
Waarschijnlijk die van je eigen vakgebied.
Dat is heel menselijk, probeer nu eens opnieuw te kijken.
Niet vanuit jouw cirkel. Kijk vanuit het kind.
En als dat lukt...
Kijk dan eens door de ogen van een ouder.
Welke woorden in de cirkels krijgen dan een andere betekenis?
Welke bijdrage van een andere professional zie je ineens scherper?
En misschien wel de belangrijkste vraag:
Welke kennis over dit kind heb jij nog niet, omdat je vooral kijkt vanuit jouw eigen professionele bril?
Ik ben benieuwd wat jij ziet als je naar deze Venn-diagram kijkt.
Welke woorden spreken jou het meest aan?
Wat mis je?
Waar schuurt het?
En hoe helpt deze afbeelding jou om niet alleen vanuit jouw eigen expertise te kijken, maar samen met collega's én ouders aan te sluiten bij wat dit kind nodig heeft?
Want uiteindelijk is dat misschien wel de belangrijkste les die deze afbeelding mij heeft gegeven.
Geen enkele professional ziet het hele kind.
Pas wanneer we onze verschillende perspectieven naast elkaar durven leggen (zonder elkaar te overtuigen!), ontstaat er een rijker beeld. Niet van ons werk, maar van het kind dat aan ons is toevertrouwd.





Opmerkingen